Medewerkers Nederlandse Apple Stores verzetten zich tegen persoonlijke NPS

Medewerkers Nederlandse Apple Stores verzetten zich tegen persoonlijke NPS
  • 2 november 2017
  • Redactie

Werknemers van de drie Apple Stores in ons land zijn naar de rechter gestapt om het peilen van een persoonlijke NPS tegen te houden. Volgens de Ondernemingsraad zou de privacy van individuele winkelmedewerkers in gevaar komen door het besluit van Apple. Een inhoudelijk oordeel velde de kantonrechter in Amsterdam echter niet. Beide partijen moeten namelijk verder met elkaar in overleg.

Het computerbedrijf maakt sinds 2012 gebruik van de NPS om te onderzoeken hoe klanten de winkelbeleving hebben ervaren. Rond oktober 2016 besloot Apple om in deze enquêtes voortaan de voornaam te vermelden van de medewerker die de betreffende klant had geholpen. De wijziging kwam aan het licht toen er ineens voornamen vermeld werden in de resultaten.

Bescherming persoonsgegevens
De Ondernemingsraad, die hierover niet was ingelicht, vroeg het bedrijf om opheldering. ‘Hebben medewerkers de keus of zouden zij de keuze kunnen krijgen om hun naam niet vermeld te krijgen in het klanttevredenheidsonderzoek?’ was één van de vragen. Omdat een helder antwoord uitbleef, nam de OR contact op met de Autoriteit Persoonsgegevens. Hieruit concludeerde de raad dat de wijziging mogelijk indruist tegen de Wet Bescherming Persoonsgegevens, al deelde Apple deze conclusie niet: ‘We zijn ervan overtuigd dat we niet in tegenspraak met deze wet handelen.’

De kantonrechter in Amsterdam oordeelde afgelopen maand dat Apple voor de invoering van een gepersonaliseerde NPS-enquête toestemming had moeten vragen van de Ondernemingsraad. Tegelijkertijd heeft de OR niet binnen de wettelijke reactietermijn bezwaar aangetekend tegen het besluit, zodat de kantonrechter dit niet meteen nietig kon verklaren. Het oordeel van de rechter is daarom dat de kwestie moet worden voorgelegd aan een bindend adviseur of een andere kantonrechter. Wel moeten beide partijen daarvoor eerst samen bespreken of dit noodzakelijk is en alternatieven doornemen. ‘De standpunten hierover zijn […] nog niet voldoende uit de verf gekomen’, meent de rechtbank.

De volledige uitspraak is terug te vinden op de website Rechtspraak.nl






comments powered by Disqus