Dit is mij niet eerder gebeurd

Dit is mij niet eerder gebeurd
  • 16 juni 2026
  • Loretta Ranzijn

Ik zit in de zon, net gesport, koppie leeg. En eerlijk, inspiratie om deze column te schrijven? Nul. Dat gebeurt me niet vaak. Meestal borrelt er wel iets, in ieder geval de afgelopen 24(!) columns. Een klantcase, een gesprek, een irritatie over een proces dat nét iets menselijker (of veel menselijker) had gekund. Maar nu even niet. Het zonnetje op mijn gezicht en het besef: misschien begint verandering precies daar.

Verbeteren van klachtenmanagement zit niet in actielijstjes, niet in KPI’s en niet in een registratiesysteem. Want in organisaties richten we graag dingen in, lekker tastbaar en concreet. Klachtenprocessen, escalatieroutes, templates, dashboards, definities, stuurinformatie. En ja, dat is nodig. Zonder structuur wordt klachtenmanagement al snel een losse flodder met goede bedoelingen. Maar instrumenteel kun je alles op orde hebben en tóch geen beweging creëren.

Je kunt een prachtig (klachten)proces hebben, maar als collega’s ontevredenheid vooral zien als gezeur, gebeurt er weinig. Je kunt dashboards bouwen tot je erbij neervalt, maar als niemand nieuwsgierig is naar het verhaal achter de data, blijft het een rapportage. Je kunt communicatieformats maken, maar als de basisovertuiging ontbreekt dat een klant gezien, gehoord en geholpen wil worden, voelt de klant dat feilloos.

Veranderen begint niet bij een werkproces, het begint bij een overtuiging. Bijvoorbeeld deze: een klacht is geen verstoring van je werk, maar informatie over je werk.

Dat klinkt natuurlijk simpel, maar het vraagt nogal wat. Want ontevredenheid raakt! Ze verstoren je planning, prikken door je zorgvuldig ontworpen klantreis heen en laten zien waar de werkelijkheid weerbarstiger is dan het procesplaatje. In mijn boek noem ik dat niet voor niets: prik door de ontevredenheid heen en ontdek de winst. Klachten zijn geen eindpunt, maar een ingang naar verbetering, klantbehoud en vertrouwen.

En dan komt communicatie om de hoek kijken. Niet als sausje achteraf. Maar als veranderinstrument. Want hoe je over klachten praat, bepaalt hoe je organisatie ermee omgaat. Noem je het ‘lastige klanten’, dan krijg je verdedigingsgedrag. Noem je het ‘signalen’, dan ontstaat ruimte. Vraag je ‘wie heeft dit veroorzaakt?’, dan zoeken mensen dekking. Vraag je ‘wat probeert deze klant ons te vertellen?’, dan ontstaat eigenaarschap. Daar zit de echte verandering.

Bij klachtenmanagement denken we vaak aan service recovery: de klant helpen als het misgaat. Maar intern is er óók recovery nodig. Herstel van aandacht. Herstel van samenwerking. Herstel van het besef dat niemand de klant expres van het kastje naar de muur stuurt, maar dat systemen, silo’s en aannames dat wel veroorzaken.

De satéprikker-methode gaat precies daarover: de bouwstenen van klacht- en signaalmanagement verbinden. Niet één afdeling verantwoordelijk maken voor alle ontevredenheid, maar de prikker door de organisatie heen steken. Zodat klantcontact, backoffice, beleid, operatie en management samen zien wat er écht gebeurt.

En ja, begin klein. Niet met een veranderprogramma van 47 slides. Begin met één andere vraag in je overleg. Eén klacht per week echt uitpluizen. Eén standaardzin herschrijven naar mensentaal. Eén collega meenemen in het verhaal achter de klacht.

Want veranderen is zelden een groots feest, het is vaker een keuze op een gewone werkdag. Of op een zonnige dag waarop je inspiratieloos bent en ineens beseft: als je anders wilt handelen, moet je eerst anders leren kijken.

Loretta Ranzijn

comments powered by Disqus